Maria Moeder Van Hoop

Maria Moeder van Hoop
(Eugene en Joseph Barbedette, Françoise Richer en Jeanne Marie LeBosse)
1876 : Pellevoisin, Frankrijk 1877 : Gietrzwald, Polen.
Szlak Pielgrzymkowy

Mariaverschijningen zijn een vorm van private openbaring en betreffen verklaringen van mensen die beweren de Maagd Maria, de moeder van Jezus van Nazareth, te hebben zien verschijnen.
Ook verschijningen van andere religieuze figuren komen voor.

Gietrzwald is een dorp in het noordoosten van Polen, in de regio Ermland-Mazurie, 20 km van de stad Olsztyn.

In de tijd, toen de verschijningen plaatsvonden, was Polen verdeeld tussen 3 landen, Rusland, Pruisen en Oostenrijk.
In de regio Ermland-Mazurië werden de Poolse mensen gedwongen om Duits te spreken.
In 1877 verscheen onze Heilige Moeder aan de 13-jarige Justyna Szafryska en de 12-jarige Barbara Samulowska.
Zij kwam met een boodschap van bekering en boetedoening voor de zonden.
Maria gaf de noodlijdende bevolking met haar boodschap grote hoop, want hoewel Polen destijds als land niet voorkwam op de kaart van Europa, gaf Maria haar berichten door in vloeiend Pools.

Eerste verschijning op 27 juni 1877
De eerste verschijning vond plaats op woensdag, 27 juni 1877 op het moment dat Justyna Szafryska samen met haar moeder terug kwam van de kerk, nadat ze haar examen
"Eerste Communie Catechese" met goed gevolg had afgelegd.
Hierdoor mocht zij haar Eerste Heilige Communie ontvangen.
Het was avond en de klok in de kerktoren luidde voor het Angelus.
Justyna zag de Heilige Moeder met aan haar linkerkant het kindje Jezus in een witgeel gewaad.
Na een tijdje stegen beiden op richting Hemel.

Tweede verschijning op 28 juni 1877
Deze keer zagen beide meisjes: Justyna Szafryska en Barbara Samulowska "De wonderschone Dame".
De Heilige Moeder verscheen boven de esdoornboom, die in de buurt van de kerk stond.
Maria zat op een troon met het kindje Jezus en werd omringd door engelen.
Het kindje Jezus hield een stralende bal met een klein kruis erop in Zijn hand.
De Heilige Moeder werd gekroond door de

Derde verschijning op zaterdag 30 juni 1877
Justyna vroeg: "Wat verlangt U
Heilige Moeder? Maria antwoordde:
"Ik verlang, dat jullie elke dag de rozenkrans bidden".

Vierde verschijning op zondag 1 juli 1877
Op deze dag ontvingen de kinderen van de parochie in Gietrzwald hun Eerste Heilige Communie.
Justyna vroeg tijdens het gebed van de rozenkrans:
"Wie bent u?"
En de Heilige Moeder antwoordde:
"Ik ben de Allerheiligste onbevlekt ontvangen Maagd Maria"

Vijfde verschijning op 3 juli 1877
De meisjes vroeg aan de Heilige Moeder
"Zullen de zieke mensen die hier komen, worden genezen?"
De Heilige Moeder antwoordde:
"Er zal een wonder gebeuren en na dat wonder zullen de zieke mensen worden genezen".
Maria zei even later:
"Laat de zieke mensen de Rozenkrans bidden".

Zesde verschijning op 28 juli 1877
Op de vraag wat het betekent, als iemand valse beloftes aflegt, antwoordde de Heilige Moeder:
"Deze persoon verdient het niet om naar de Hemel te gaan, deze persoon is door de duivel misleid om dit te doen.

Zevende verschijning op 1 augustus 1877
Barbara vroeg: "Krijgen de parochies binnenkort weer priesters?"
De Heilige Moeder antwoordde:
"Als de mensen ijverig blijven bidden, zal de kerk niet meer worden vervolgd, en de parochies zullen weer priesters krijgen."

Achtste verschijning op 8 september 1877
Op 8 september 1877, even over zeven in de avond zegende de Heilige Moeder de bron en sprak de woorden:
"Nu kunnen de zieke mensen dit water nemen voor hun genezing."

Negende en laatste verschijning op 16 september 1877
Om ongeveer vijf uur in de avond zegende de Heilige Moeder zichzelf in de kleine kapel en daarna zegende ze alle mensen die daarom gevraagd hadden.
Aan het einde zei ze:
Bid vurig de Rozenkrans.